Hoofdletters

Op deze bladzijde krijg je meer uitleg over het gebruik van hoofdletters en links naar oefeningen.

Uitleg




Wil je meer weten over wie hoofdletters in de middeleeuwen versierde en waarom ze dit monnikenwerk deden, klik dan op de afbeelding. Deze noeste arbeid wordt niet meer van je verwacht, wel dat je iedere zin met een hoofdletter begint en enkele andere veel voorkomende hoofdletterregels spontaan toepast, zoals:




  • Begin een zin met een hoofdletter, ook na een apostrof krijgt het eerste woord een hoofdletter. Begint de zin met een getal, dan volgt er geen hoofdletter.
    1. 's Avonds wordt het kind op tijd in bed gelegd.
      Eenentwintig jaar geleden vertrok ze naar het buitenland.
      21 jaar geleden vertrok ze naar het buitenland.
  • Schrijf eigennamen, zoals jouw naam en familienaam, de naam van een instelling,... met een hoofdletter.
  • Schrijf aardrijkskundige namen, hun afleidingen en samenstelling met een hoofdletter.
    Je schrijft dus: BelgiŽ, Belg, Belgisch weer, ...
  • De namen van dagen en maanden schrijf je met een kleine letter, dus maandag en december.
  • Schrijf historische periodes met een kleine letter, bv. de middeleeuwen
  • Schrijf historische gebeurtenissen met een hoofdletter, bv. de Tweede Wereldoorlog
  • De regels die voor jou belangrijk zijn, zoals:
    • Bejaardenzorg: hij heeft de ziekte van Alzheimer !, maar hij heeft alzheimer

Hoofdletters gebruik je ook in de volgende gevallen:

  • Wanneer een zin met een afkorting begint, zoals: "Gsm's zijn niet meer zo duur."
  • Voor het aanduiden van studierichtingen !.

De volledige theorie ! over het gebruik van hoofdletters beslaat meerdere pagina's.

Bij twijfel zoek je de correcte schrijfwijze op, bv. in de woordenlijst van de Nederlandse Taalunie of in dit vrij volledige overzicht !. Soms hangt het hoofdlettergebruik af van de context, zie het voorbeeld met Alzheimer. Stel eventueel een taalvraag aan de taaltelefoon.

Vanzelfsprekend zorg je door een duidelijk handschrift! voor een onderscheid tussen een hoofdletter en een kleine letter, bv. R en r.

Dit wordt verder uitgediept in het thema "welkom".

Oefeningen

top